P.C. Hooft-prijs 1954

Over de P.C. Hooft-prijs

Instelling

De P.C. Hooft-prijs voor Letterkunde behoort tot de belangrijkste literatuurprijzen in het Nederlandse taalgebied. Deze oeuvreprijs wordt jaarlijks af...Lees meer >

Staatsprijs

Aanvankelijk was de P.C. Hooft-prijs een staatsprijs. De relatie tussen staat en Stichting kwam onder druk te staan toen in 1984 Hugo Brandt Corstius ...Lees meer >

P.C. Hooft

P.C. Hooft (Amsterdam 16 maart 1581 – Den Haag, 21 mei 1647), was geschiedkundige, dichter en toneelschrijver. Hij was de zoon van Cornelis Hooft, d...Lees meer >

P.C. Hooft-prijs P.C. Hooft-prijs

P.C. Hooft-prijs 1954

P.C. Hooft-prijs voor L.J. Rogier

L.J. Rogier kreeg de P.C. Hooft-prijs voor drie hoofdstukken uit de beschouwing In vrijheid herboren. Katholiek Nederland 1853-1953. De prijs werd op 20 mei 1955 uitgereikt in het Muiderslot en bedroeg fl. 3.000.

Biografie

Ludovicus Jacobus Rogier (Rotterdam, 26 juli 1894 – Groesbeek, 30 maart 1974), groeide op in een weinig bemiddeld gezin. Zijn vader was werkzaam...Lees meer >

Biografie

Ludovicus Jacobus Rogier (Rotterdam, 26 juli 1894 – Groesbeek, 30 maart 1974), groeide op in een weinig bemiddeld gezin. Zijn vader was werkzaam bij een grafisch bedrijf. Rogier volgde de kweekschool en stond al op 19-jarige leeftijd voor de klas. Later werd hij, na nog verschillende aktes te hebben behaald, leraar Nederlands aan de HBS. Naast neerlandicus was hij historicus, zij het ook zonder officiële opleiding. Hij had een grote belangstelling voor de geschiedenis van kerk, staat en maatschappij. In de avonduren schreef hij artikelen en beschouwingen op geschiedkundig gebied. Tot zijn meesterwerken behoort de tweedelige Geschiedenis van het katholicisme in Noord Nederland in de 16e en 17e eeuw (1945-1947). Deze studie leverde hem niet alleen een eredoctoraar op, maar ook een benoeming tot hoogleraar in de geschiedenis. Hij werd benoemd in 1947 en ging met emeritaat in 1965. Rogier zette zich in zijn werk af tegen de volgzaamheid van zijn katholieke geloofsgenoten, maar ook tegen de dominante calvinistische cultuur. Zijn kritische instelling maakt hem tot een geduchte geleerde. “Hij heeft zeer veel onderzoek gedaan en gepubliceerd in een stijl die wellicht nu retorisch aandoet”, schrijft Kees Fens in Doorluchtig glas (1997), “maar die in karakteristieken en oordelen veelal op schitterende wijze onbarmhartig is. Hij was compromisloos.”

Jury

In de jury zaten W.J.M.A. Asselbergs (voorzitter), W. Barnard, E.J. Dijksterhuis, Pierre H. Dubois, F.K.H. Kossmann, Fokke Sierksma en Adriaan van der...Lees meer >

Jury

In de jury zaten W.J.M.A. Asselbergs (voorzitter), W. Barnard, E.J. Dijksterhuis, Pierre H. Dubois, F.K.H. Kossmann, Fokke Sierksma en Adriaan van der Veen. H.J. Michaël was ambtelijk secretaris.