P.C. Hooft-prijs 1957

Over de P.C. Hooft-prijs

Instelling

De P.C. Hooft-prijs voor Letterkunde behoort tot de belangrijkste literatuurprijzen in het Nederlandse taalgebied. Deze oeuvreprijs wordt jaarlijks af...Lees meer >

Staatsprijs

Aanvankelijk was de P.C. Hooft-prijs een staatsprijs. De relatie tussen staat en Stichting kwam onder druk te staan toen in 1984 Hugo Brandt Corstius ...Lees meer >

P.C. Hooft

P.C. Hooft (Amsterdam 16 maart 1581 – Den Haag, 21 mei 1647), was geschiedkundige, dichter en toneelschrijver. Hij was de zoon van Cornelis Hooft, d...Lees meer >

P.C. Hooft-prijs P.C. Hooft-prijs

P.C. Hooft-prijs 1957

P.C. Hooft-prijs voor P.C.A. Geyl

P.C.A. Geyl kreeg de P.C. Hooft-prijs voor beschouwend proza. De prijs werd uitgereikt in 1958 en bedroeg fl. 3.000.

Biografie

Pieter Catharinus Arie Geyl (Dordrecht, 15 december 1887 – Utrecht, 31 december 1966) was de zoon van een dokter met depressieve aanleg. Als kind lo...Lees meer >

Biografie

Pieter Catharinus Arie Geyl (Dordrecht, 15 december 1887 – Utrecht, 31 december 1966) was de zoon van een dokter met depressieve aanleg. Als kind logeerde hij vaak bij een oom en tante. Hij studeerde Nederlandse letteren in Leiden. Maar omdat die studie hem tegenviel, besloot hij over te stappen op geschiedenis. Na zijn promotie was hij enkele jaren correpondent van de Nieuwe Rotterdamsche Courant in Londen. Hij maakte zo´n gunstige indruk op de Britse autoriteiten dat hij benoemd kon worden tot hoogleraar geschiedenis aan de Londense Universiteit. Daarnaast was hij werkzaam als agent aan het Nationaal Bureau van Documentatie voor Nederland. Ook zette hij zich in voor de Vlaamse beweging, die hij een warm hart toedroeg. In 1936 werd hij benoemd tot hoogleraar nieuwe geschiedenis in Utrecht. Deze benoeming ging met enige commotie gepaard omdat het Geyl kwalijk werd genomen dat hij zich als historicus inliet met de politiek. Hij werd gezien als onruststoker die de geschiedenis een ander aanzien wilde geven. De steeds terugkerende onderwerpen van Geyl in zijn essayistische beschouwingen waren het Groot-Nederlandse verleden en de verhouding tussen Oranje en regenten. Vanwege zijn “liberale” geschiedopvatting werd Geyl vooral gewaardeerd in de Angelsaksische landen. Diverse van zijn werken werden in het Engels vertaald of rechtstreeks in die taal geschreven. In de jaren veertig, vijftig en zestig bracht hij enkele succesvolle bezoeken aan de Verenigde Staten en in de loop der jaren mocht hij er ook enkele eredoctoraten in ontvangst nemen. Aan andere eerbewijzen ontbrak het hem evenmin: binnen- en buitenlandse onderscheidingen volgden elkaar op. In 1941 werd hij benoemd tot lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen en in 1958 werd hem de P.C. Hooft-prijs verleend voor zijn essayistische werk.

Jury

In de jury zaten I. Brummel, Pierre H. Dubois, H.L.C. Jaffé, L.J. Rogier en Adriaan van der Veen (voorzitter). H.J. Michaël was ambtelijk secretaris...Lees meer >

Jury

In de jury zaten I. Brummel, Pierre H. Dubois, H.L.C. Jaffé, L.J. Rogier en Adriaan van der Veen (voorzitter). H.J. Michaël was ambtelijk secretaris.