P.C. Hooft-prijs 1988

Over de P.C. Hooft-prijs

Instelling

De P.C. Hooft-prijs voor Letterkunde behoort tot de belangrijkste literatuurprijzen in het Nederlandse taalgebied. Deze oeuvreprijs wordt jaarlijks af...Lees meer >

Staatsprijs

Aanvankelijk was de P.C. Hooft-prijs een staatsprijs. De relatie tussen staat en Stichting kwam onder druk te staan toen in 1984 Hugo Brandt Corstius ...Lees meer >

P.C. Hooft

P.C. Hooft (Amsterdam 16 maart 1581 – Den Haag, 21 mei 1647), was geschiedkundige, dichter en toneelschrijver. Hij was de zoon van Cornelis Hooft, d...Lees meer >

P.C. Hooft-prijs P.C. Hooft-prijs

P.C. Hooft-prijs 1988

P.C. Hooft-prijs voor Rutger Kopland

Rutger Kopland kreeg op 30 september 1988 de P.C. Hooft-prijs 1988 voor poëzie. De prijs werd uitgereikt in het Letterkundig Museum in Den Haag en bedroeg fl. 25.000.

Biografie

Rutger Kopland, pseudoniem van Rutger Hendrik van den Hoofdakker (Goor, 4 augustus 1934), groeide op in een calvinistisch milieu. Hij studeerde medici...Lees meer >

Biografie

Rutger Kopland, pseudoniem van Rutger Hendrik van den Hoofdakker (Goor, 4 augustus 1934), groeide op in een calvinistisch milieu. Hij studeerde medicijnen in Groningen, werd lid van het studentencorps en schreef cabaretteksten en gedichten. Vervolgens werkte hij als huisarts in Zeist. In 1966 promoveerde hij op het proefschrift Behaviour and EEG of drowsy and sleeping cats. Vanaf 1969 tot 1983 was hij verbonden aan de Medische Faculteit van de Rijksuniversiteit van Groningen. Vervolgens werd hij benoemd tot hoogleraar in de biologische psychiatrie, een ambt dat hij tot 1995 vervulde. Zijn faculteit specialiseerde zich in depressiebestrijding door lichttherapie en slaapverschuiving. In de jaren zeventig kreeg hij als psychiater bekendheid door zijn essaybundel Het bolwerk van de beterweters (1970). Vanaf 1964 verschenen zijn gedichten in het tijdschrift Tirade en Hollands Maandblad. Hij groeide al snel uit tot een populair dichter. In 1970 ontving hij voor de bundel Alles op de fiets (1969) de Jan Campert-prijs en in 1976 voor Een lege plek om te blijven (1975) de Herman Gorterprijs. Voor Dit uitzicht (1982) kreeg hij in 1984 de Paul Snoekprijs. In 1998 kreeg hij de VSB Poëzieprijs voor Tot het ons los laat. Zijn werk is vertaald in het Frans, Duits en Engels. Rutger Kopland werd in 2002 verkozen tot Dichter des Vaderlands maar liet die eer aan zich voorbijgaan. In 2005 weigerde hij een koninklijke onderscheiding.

Jury

In het juryrapport wordt de poëzie van Kopland omschreven als “bij uitstek aards”. Die omschrijving heeft niet alleen betrekking op het vee, de m...Lees meer >

Jury

In het juryrapport wordt de poëzie van Kopland omschreven als “bij uitstek aards”. Die omschrijving heeft niet alleen betrekking op het vee, de mist, de tranen, het gras en de limonade die veelvuldig in de gedichten voorkomen, maar ook op de afwijzing van zoiets als religieuze geborgenheid. De zinsbouw is aarzelend, kronkelig en tastend, wat goed past bij poëzie die beweert geen antwoorden te willen geven, maar vragen te stellen. Koplands oeuvre heeft zich geleidelijk ontwikkeld tot “een systeem van verwijzingen naar diep liggende, niet altijd even gemakkelijk benoembare, steeds even anders geaccentueerde emoties geworden”. Geen eenvoudige gevoelsuitstortingen dus, zoals vaak is verondersteld.
De volledige tekst van het juryrapport is te vinden in Aad Meinderts, P.C. Hooft-prijs/Theo Thijssen-prijs (Den Haag, 1993).
In de jury zaten Robert Anker, H.H. ter Balkt, Anton Korteweg (voorzitter), Wiel Kusters en Ad Zuiderent. Aad Meinderts was ambtelijk secretaris.

Dankwoord

Het dankwoord van Kopland, onder de titel ‘Dankzij de dingen’ werd opgenomen in Aad Meinderts, P.C. Hooft-prijs/Theo Thijssen-prijs (Den Haag, 199...Lees meer >

Dankwoord

Het dankwoord van Kopland, onder de titel ‘Dankzij de dingen’ werd opgenomen in Aad Meinderts, P.C. Hooft-prijs/Theo Thijssen-prijs (Den Haag, 1993).