Over de P.C. Hooft-prijs

Staatsprijs
Aanvankelijk was de P.C. Hooft-prijs een staatsprijs. De relatie tussen staat en Stichting kwam onder druk te staan toen in 1984 Hugo Brandt Corstius werd voorgedragen voor de P.C. Hooft-prijs. De toenmalige CDA-minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen Elco Brinkman weigerde de prijs uit te reiken aan Brandt Corstius, omdat deze zich in zijn ogen ongepast had uitgelaten over prominente politici. Deze beslissing deed veel stof opwaaien. De reeds benoemde jury voor de P.C. Hooft-prijs 1985 trad af en vervolgens werd de prijs twee jaar niet uitgereikt. In 1987 werd de onafhankelijke Stichting P.C. Hooft-prijs voor Letterkunde opgericht, door drie landelijke letterkundige instellingen: de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, PEN-centrum Nederland en de Vereniging van Letterkundigen. Het bestuur wordt gevormd door vertegenwoordigers van deze drie instellingen. De eerste prijs ging naar Hugo Brandt Corstius en werd door het Stichtingsbestuur zelf toegekend. De P.C. Hooft-prijs bedraagt 60.000 euro. De voorwaarde dat een deel (€ 25.000) van het prijzengeld moet worden besteed aan een specifiek literair doel is in 2003 komen te vervallen. Bij de geldprijs hoort een oorkonde en een bronzen beeldje van P.C. Hooft. < Terug

P.C. Hooft-prijs ∨der=jaar DESC

P.C. Hooft-prijs voor G.K. van het Reve
Gerard Reve kreeg de P.C. Hooft-prijs voor verhalend proza. De prijs, ad fl. 8.000 werd op 26 augustus 1969 uitgereikt in het Muiderslot door minister Marga Klompé van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk.

Al eerder, in 1965, stond Reve op de nominatie om de P.C. Hooft-prijs te krijgen, maar toen kwam de jury er niet uit. Andere kandidaten waren toen Harry Mulisch en Anton Koolhaas. Reve kreeg maar drie van de zeven stemmen, terwijl er vijf nodig waren. Op 3 maart 1969 werd het reglement van de P.C. Hooft-prijs gewijzigd waardoor de vier stemmen op Reve van de P.C. Hooft-prijs 1968 voldoende waren om hem dit keer wél in de prijzen te laten vallen.

Biografie
Gerard (Kornelis) (van het) Reve (Amsterdam, 14 december 1923 – Zulte (België), 8 april 2006) groeide op in tuindorp Watergraafsmeer (Betondorp) in een communistisch milieu, als jongste zoon van Gerard van het Reve en Janetta Doornbusch.... Lees meer >

Jury
Een citaat uit het juryrapport:
‘Onovertroffen in onze letteren is Van het Reve’s uitbeelding in vele van zijn verhalen van eenzame, overgevoelige jongens met een door de werkelijkheid beknot fantasie-leven’

In de jury zaten J. Bernlef,... Lees meer >

Feestrede
Minister Marga Klompé zei in haar toespraak verheugd te zijn dat Reve gehoor had kunnen geven aan haar uitnodiging. Hij had haar namelijk laten weten dat hij sukkelde met malaria, overgehouden uit zijn Indische tijd, wat zijn komst onzeker... Lees meer >

Dankwoord
In zijn toespraak dankte Reve de minister en de jury in het in hem gestelde vertrouwen. Zijn dankwoord zou de dag na de prijsuitreiking in diverse kranten en in 1971 onder de titel ‘God & de kunst’ in Vier pleidooien worden afgedrukt. Lees meer >

Gerard Reve door Emo Verkerk, 1989


Gerard Reve. Foto: Eddy Posthuma de Boer

Archief P.C. Hooft-prijs

    chronologisch | alfabetisch
Pierre Kemp door Hetty Kluijtmans, 1955


F. Bordewijk


Victor E. van Vriesland door Kees Verwey, 1953


J.C.  Bloem


   
1956   Anna Blaman
1955   A. Roland Holst
1954   L.J. Rogier
1953   F. Bordewijk
1952   J.C. Bloem
1951   E.J. Dijksterhuis
1950   S. Vestdijk
1949   Gerrit Achterberg
1948   A.M. Hammacher
1947   Arthur van Schendel
1947   Amoene van Haersolte

pagina 1 2 3